skip to Main Content

Het belang van een goede conditie – Het verhaal van Frank

Donateur Frank van Heiningen emailt de redactie: hij wil lezers van Nieuws een hart onder de riem steken met zijn ervaring en het belang van een goede algehele conditie benadrukken.

14 jaar oplopende PSA
In 2004 werd bij Frank van Heiningen bij een standaard medisch bedrijfsonderzoek ook de PSA gemeten. Die was zes, m.a.w. enigszins aan de hoge kant. Omdat de toen 55-jarige Frank ook plasklachten had, werd hij door zijn huisarts doorverwezen naar het streekziekenhuis in Vlissingen. De uroloog deed een biopsie, en de uitslag was: alle 16 prikken schoon. Sindsdien liet Frank elk jaar de PSA meten. Die ging op en neer, maar de trend was opwaarts. In 2008 onderging hij weer een biopsie, en weer waren alle prikken schoon. Om de plasklachten te verlichten werd met een laser overtollig prostaatweefsel weggebrand. Ondertussen bleef de PSA oplopen. In 2017, bij een PSA van 24, werd weer een biopsie uitgevoerd, en weer waren alle biopten schoon.

In 2018 was de PSA opgelopen tot 30. Die almaar stijgende PSA zonder goede verklaring gaf onzekerheid. Daarom ging Frank op zoek naar een expertise-centrum, en zo kwam hij terecht bij het Prostaatcentrum zuidwest Nederland. Dit is een samenwerking tussen het Franciscus Gasthuis en het Erasmus MC, beide in Rotterdam. Na het gesprek over zijn oplopende PSA en driemaal schone biopten (´blind´ geprikt), werd hij op de wachtlijst gezet voor een MRI-scan van de prostaat. Op de MRI-scan was een verdachte plek te zien, en dus onderging Frank voor de vierde keer een biopsie. Ditmaal was het niet blind prikken, maar een MRI-geleide biopsie: er werd gericht in de verdachte plek geprikt. Nu was de uitslag: prostaatkanker, Gleasonscore 3 + 3.

Zo kwam dankzij het gericht biopteren, i.p.v. ´blind´ prikken, een einde aan 14 jaar onzekerheid, die af en toe als belastend was ervaren. Frank hoopt dat nu alle mannen met een verhoogde PSA een MRI-scan krijgen in een expertisecentrum met goede MRI-apparatuur en ervaren radiologen. En dat als biopsie geïndiceerd is, dat een MRI-geleide biopsie is.

Zorg dat je een zo goed mogelijke conditie hebt.

Wat nu?
De twijfel ´Vinden artsen niets omdat er niets zit, of omdat ze het niet zien?’ was voorbij, maar nu was er de onzekerheid over de behandelingskeuze. Om te kijken of er uitzaaiingen in de botten waren, werd een botscan van het gehele lichaam genomen, en daarop was niets te zien. Omdat er geen uitzaaiingen gevonden waren, de Gleasonscore 3+3 was, en de PSA relatief langzaam opliep, was het advies: Actieve Surveillance.

Begin 2019 leest hij in een lokale krant dat het ziekenhuis in Goes een nieuw MRI apparaat heeft, met een sterke magneet en ook een getrainde radioloog in dienst heeft genomen. In overleg met het prostaatcentrum in Rotterdam vraagt Frank in Goes een MRI-scan aan. Op deze MRI-scan is duidelijk een afwijkende plek te zien, iets groter dan op de MRI-scan uit 2018 in het Rotterdamse Franciscus Gasthuis. In Goes krijgt Frank vervolgens een PSMA-PET-scan, en deze laat geen uitzaaiingen zien.

Er vindt een gesprek plaats over de behandelmogelijkheden: Actieve Surveillance of opereren of bestralen met drie jaar hormoonbehandeling. De voor- en nadelen van de drie opties worden uitgebreid besproken en Frank krijgt informatiemateriaal mee, o.a. een DVD waarin de Da-Vinci robot-geassisteerde-operatie wordt uitgelegd. Frank is meteen na de diagnose donateur geworden van PKS en gewapend met de informatie uit het logboek, artikelen uit Nieuws, en speuren op internet, neemt hij het besluit zich te laten opereren.

De meeste Da Vinci prostaatoperaties in het westen van Nederland vinden plaats in het Rotterdamse Maasstad ziekenhuis, in de zogenoemde Anser prostaatoperatiekliniek. (Het Anser prostaatnetwerk is een samenwerkinsgverband tussen zeven ziekenhuizen in west Nederland.) Daar zal ook Frank geopereerd worden.

Vinden artsen niets omdat er niets zit, of omdat ze het niet zien.

Geslaagde operatie
Tijdens het intake-gesprek wordt het vermoedelijke verloop van de operatie besproken, en komt ook het belang van bekkenbodemtraining aan de orde. Als enthousiast mountain-biker en fietser heeft Frank ook een dringende vraag: ‘Kan ik na de operatie nog wel fietsen?’ De eerste zes weken na de operatie niet, maar daarna kan dat geleidelijk weer opgebouwd worden. Voorafgaand aan de operatie kan hij blijven fietsen en sporten, en alvast beginnen met het trainen van de bekkenbodemspieren. Die bekkenbodemspieroefeningen doet hij elke dag, zodat hij goed getraind de operatiekamer in gaat.

De operatie laat alleen wel lang op zich wachten: tien weken. Maar Frank heeft ook de conclusie van een onderzoek van een zorgverzekeraar gelezen: mannen die geopereerd zijn in een ziekenhuis waar weinig prostaten worden verwijderd, hebben een grotere kans op blijvende incontinentie dan mannen geopereerd door een ervaren team met de Da Vinci robot. En dus proberen hij en zijn echtgenote de wachttijd zo goed mogelijk door te komen (veel mountain-biken) en positief te blijven denken.

De operatie duurt vijf uur. De laserbehandeling tegen goedaardige prostaatvergroting van destijds heeft wel tot verkleving geleid, zodat het wegsnijden van de prostaat iets lastiger is. Tijdens de operatie worden de snijvlakken van het verwijderde weefsel direct onderzocht door een patholoog. Zijn die schoon, dan is de klus geklaard; zijn die niet schoon, dan moet de arts meer prostaatweefsel wegsnijden. Bij Frank worden ook dertien lymfeklieren verwijderd. Na één nacht in het ziekenhuis kan hij weer naar huis. Hij krijgt instructies hoe hij met de katheter om moet gaan. Hij gaat meteen zoveel mogelijk lopen, en bouwt snel de dosering pijnstillers af. Hij merkt wel dat hij tussen de middag eventjes moet rusten.

Doordat er lymfeklieren zijn verwijderd, heeft hij wel last van vochtophoping. Na één week wordt de katheter verwijderd. De eerste keer plassen gaat meteen goed. Hij krijgt een verwijzing naar de bekkenbodemtherapeut. Na vier bezoeken constateert zij dat er voor haar verder niets te doen valt: elke dag eventjes de juiste spieren trainen heeft duidelijk effect gehad; alles is OK.

Na zes weken is de eerste controle: PSA is nul (d.w.z. onder de detectiegrens). Van het verwijderde prostaatweefsel was ongeveer 10% kanker met Gleason 3 + 4; verder schone snijvlakken en schone lymfeklieren. De continentie is 100%. Erecties zijn nog niet zoals voor de operatie, maar er is wel gevoel, en dat kan met verloop van de tijd nog meer worden. Frank kan ook weer op de fiets. Dat laat hij zich geen tweemaal zeggen. Nu, enkele maanden na de operatie, mountain-biket hij weer als vanouds: 30 – 50 km per dag; vijf dagen per week. Ook al zijn vrijwilligersactiviteiten heeft hij weer volledig opgepakt. ‘Je kunt het beste lichamelijk en geestelijk bezig blijven. Blijf – en als je het nog niet deed: ga – veel wandelen en fietsen; probeer positief te denken.

Franks stelling: Hoe beter de operatiekamer in, des te beter er weer uit.

Frank is er van overtuigd dat zijn goede lichamelijke conditie en zijn positieve instelling bijgedragen hebben aan een spoedig herstel na de operatie onder narcose. Vanzelfsprekend heeft de positieve uitslag ook een belangrijke invloed gehad. Maar die uitslag heb je niet zelf in de hand. Richt je op dingen die je wel zelf in de hand hebt. ¨Zorg dat je een zo goed mogelijke conditie hebt. Die komt niet vanzelf; daar moet je wat voor doen en laten (zoals snoepen en bankhangen). Onderzoek welke vorm van bewegen het beste bij je past: is dat bijvoorbeeld wandelen, fietsen, mountain-biken, zwemmen; alleen of in een groep; bewegen-op-muziek in een buurthuis of sportschool.¨ Zijn stelling luidt dan ook: ¨Hoe beter de operatiekamer in, des te beter er weer uit!¨

Back To Top
X