Samen beslissen bij mCRPC-patiënten

Isabel de Angst beschreef de ontwikkeling van de ‘kieswijzer’

Isabel de Angst is artsonderzoeker Urologie in het Elisabeth-Twee Steden Ziekenhuis en het Erasmus MC

In het vorige nummer stond op pagina 12 een artikel van Isabel de Angst over ‘Samen beslissen’. Zij beschreef daarin de ontwikkeling van een online ‘kieswijzer’ als toevoeging aan de reeds jaren in Tilburg gebruikte keuzehulp voor gelokaliseerd prostaatkanker. In dit nummer een artikel van haar hand over Samen beslissen bij mCRPC (als de pk is behandeld, toch weer terugkeert ondanks hormonale behandeling en is uitgezaaid).

De afgelopen jaren is het aantal levensverlengende behandelingen voor gemetastaseerde Castratie-Resistente Prostaatkanker (mCRPC) fors toegenomen. Naast chemotherapie kan nu ook gekozen worden voor Abirateron, Enzalutamide of Radium-223.

Bij gebrek aan onderzoek dat deze behandelingen direct met elkaar vergelijkt en met name ook de volgorde, is een goede plaatsbepaling van de diverse behandelingen nog altijd onderwerp van discussie. Door de toename van behandelopties en het gebrek aan wetenschappelijk bewijs wordt het selecteren van de beste behandeling voor een individuele patiënt steeds lastiger, voor zowel de arts als de patiënt. Er moeten afwegingen worden gemaakt tussen het effect van de behandeling op kwaliteit van leven en het effect op levensverwachting.  Daarnaast betreft het vaak mannen van boven de 70 jaar met mogelijk meerdere aandoeningen, waardoor hun conditie beperkt kan zijn. Voor deze patiënten kan behoud van kwaliteit van leven mogelijk belangrijker zijn dan het effect van een
behandeling op de levensverwachting.

Deze mCRPC patiënten moeten bij voorkeur behandeld worden op basis van hun algehele conditie (inclusief lichamelijke en geestelijke conditie), in plaats van op alleen leeftijd. De G8 vragenlijst (een geriatrisch screenings
instrument) brengt met de antwoorden op acht vragen objectief in beeld hoe het met de kwetsbaarheid van een patiënt gesteld is. Het gaat hierbij onder andere om voedselinname en eventuele gewichtsafname gedurende de afgelopen drie maanden en het gebruik van het aantal geneesmiddelen. Daarnaast dienen mCRPC patiënten volgens de richtlijn in een multidisciplinair overleg (MDO) besproken te worden en dient de voorkeur van de patiënt zelf meegenomen te worden bij het adviseren van het behandelbeleid.

Helaas ervaren patiënten vaak een barrière om hun voorkeur met de arts te delen, terwijl in dit stadium van de ziekte belangrijke vragen een rol spelen, zoals: ‘Wat wil ik nog bereiken met mijn behandeling?’` en ‘Is mijn conditie goed genoeg om nog een behandeling te ondergaan?’. Om patiënten en hun behandelteam te ondersteunen bij het kiezen van de best passende behandeling in dit stadium, kan de inzet van een mCRPC keuzehulp van toegevoegde waarde zijn.Door het Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis is een mCRPC keuzehulp ontwikkeld*. Het feit dat deze keuzehulp in kaart brengt hoe de individuele gezondheid van de patiënt is, maakt deze keuzehulp uniek.

Hoe werkt de mCRPC keuzehulp?
Bij mCRPC zijn vaak meerdere behandelopties mogelijk: afwachten of aanvullende hormoon- of chemotherapie of radium-223. Daarbij zijn niet alleen urologen een belangrijke schakel, maar spelen ook internist-oncologen, oncologieverpleegkundigen en verpleegkundig specialisten een grote rol. Samen vormen zij het behandelteam voor de patiënt. De behandelend arts overhandigt de patiënt een uitreikvel. De arts legt aan de hand daarvan de diagnose en behandelopties uit. Op het vel staat een link naar de keuzehulp en een unieke inlogcode. Thuis logt de patiënt in en leest de informatie in de online keuzehulp en vult in hoe hij persoonlijk tegen de diverse vragen aankijkt. Dat leidt tot een samenvatting die een goede basis vormt voor het hierop volgende overleg met de arts waarin dan gekozen wordt welke behandeling het beste past bij u persoonlijk.

Onderzoek: Wat is de toegevoegde waarde van de mCRPC keuzehulp?
Op dit moment wordt in wetenschappelijk onderzoek de verwachte toegevoegde waarde van de mCRPC keuzehulp getoetst.
In dit onderzoek wordt de keuzehulp uitgereikt door de uroloog en wordt de patiënt doorverwezen naar de internistoncoloog
om de samenvatting van de keuzehulp te bespreken. Op deze manier is de patiënt goed voorbereid en heeft de internist-oncoloog een betere gesprekspartner. Daarnaast wordt ook de toegevoegde waarde van het geriatrisch screeningsinstrument (G8) onderzocht.
Naar verwachting zijn in Januari 2019 de eerste resultaten bekend.

Aan dit onderzoek nemen negen Nederlandse ziekenhuizen deel: LUMC, Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis, Jeroen Bosch Ziekenhuis, Zuyderland MC, Bravis Ziekenhuis, Rivierenland Ziekenhuis, Ziekenhuis Groep Twente, Radboudumc, Amphia Ziekenhuis.

*Dr. Paul Kil heeft hier op de Donateursdag in 2016 een eerste presentatie over gegeven.